Het sneeuwt al een hele dag in Bucharest. De sneeuw gaat hier gecombineerd met een ijzige noorderwind die de sneeuw recht in je gezicht blaast en dwars door alle slim aangebrachte laagjes jaagt. Op die manier komt er van sightseeing niet veel terecht, dus maken we er een museumdagje van.
Het eerste museum dat ik bezoek is het museum van geschiedenis. Aan de kassa krijg ik een mooie korting en al gauw blijkt waarom: de grootste zalen zijn gesloten terwijl men een nieuwe expositie aan het opbouwen is. Wat is er wel: een gigantische kopie van de zuil van trajanus, de schatten van de roemeense koningen en koninginnen en duizenden munten.
Het tweede museum is verreweg het meest bevreemende: dat van de roemeense boer. De collectie op zich valt heel goed mee, maar wordt begeleid door bevreemende teksten als " de schaduwen zijn niet zomaar aangebracht maar brengen u dichter op het verlichte pad naar hogere kennis" (over de belichting van een dorsvlegel) en " door de marteling van het graan bereikt de veganist een fase van ontbering die zijn spiritualiteit vergroot" (over het vasten). Ik dacht dat het aan een slechte engelse vertaling lag, maar ook in het frans en het duits kwamen dit soort zinnen voor.
Verder bevat het museum een verzameling van volkswijsheden gaande van het vrij triviale "als je haar in brand staat, krijg je hoofdpijn" over het foute (maar begrijpbare) "wie eierschalen verbrandt, doodt de eruit gekomen kuikens" tot het volslagen absurde "de jonge bruid die als eerste object in huis het vuur ziet, ziet haar schoonmoeder sterven" Geen idee of het laatste een waarschuwing dan wel een aansporing is.
Het laatste museum was het natuurhistorisch museum dat een overzicht geeft van de natuur in Roemenie. Een van de stichters van dit laatste museum was trouwens Emil Racovitca, hoofdwetenschapper op de Antartctische expeditie van de Belgica van Adrien De Gerlache, dus toch een belgische noot hier in Roemenie :)
Posts tonen met het label roemenie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label roemenie. Alle posts tonen
zaterdag 25 oktober 2014
dinsdag 21 oktober 2014
The long and winding road...
Vandaag staat voor 50% in het teken van transport, om 13u30 vertrek ik naar Brasov in Roemenie (waar toetsenborden ironisch genoeg geen trema hebben, merk ik hier pas). Eerst nog een stevig bijna engels aandoend ontbijt, en dan nog wat door Ruse dwalen. Tegen twaalf uur ben ik dat ook wat beu en plaats ik mij op een bankje in het centrale park (volgens dimitar het enige in de wereld waar dertien straten op uit komen).
Blijkbaar heb ik me de afgelopen dagen iets te veel gewassen, want ik lijk de mensen aan te trekken. Een ouder paar komt naderbij en vraagt iewat schuchter of ik een rus ben. Ik antwoord ontkennend en gerustgesteld gaan ze zitten naast mij. Met handengebaar en mijn vijf woorden bulgaars leg ik hen uit dat ik van Belgie kom. Ja, ik vind Ruse best een leuke stad. Ja, lekker eten hier (gisteravond varkensschnitzel met augurken, spek en gesmolten bruine kaas erop, jammie!). Straks naar Roemenie. Ik versta hun naam niet en zij de mijne niet (Jeroen is een bijzonder moeilijke naam voor buitenlanders).
Aan het busstation staat Dimitar me al op te wachten terwijl hij me naar de bus brengt, de bus blijkt een break te zijn waar de koffer uitgebouwd is met twee extra zetels. Mijn reisgezellen bestaan uit twee bejaarde esten, een poolse, een bulgaarse zakenman en een bulgaarse chauffeur. De chauffeur laat al snel blijken dat formule 1 hem te min is, veel liever snijdt hij bij een afslag vrachtwagens af of vind hij een derde rijstrook uit (het midden ervan is een grote witte doorlopende streep)
Het ests koppel geeft me een complimentje met mijn engels, dat ze uitstekend kunnen verstaan. Het doet hen zwaar vermoeden dat ik van engeland kom. Ikzelf vermoed dat ze nog niet echt in engeland geweest zijn want zoals ik de poolse uitleg ben ik enkel een kampioen in de universele reizigerstaal "bad english". En neen, ik ben ook geen Ier.
In Boekarest aangekomen ga ik op weg naar de gara du nord om er een trein te vinden naar Brasov. Een ticketje tweede klasse is snel geregeld, de trein laat wel nog een uurtje op zich wachten. De trein op zich is wel grote luxe: ruime, gewatteerde zetels, veel beenruimte en vermits de stoelen genummerd zijn (en als elk nummer op is, er geen tickets meer verkocht worden), geen gevecht om een plaatsje te bemachtigen.
Mijn reisgenoot Boris duikt iets na mij op, hij heeft een rugzak twee 'netzakken', een beker koffie tot de rand gevuld, een cola van de mc donalds, large, nog niet van gedronken en een fles water vast. Ik denk nog net dat dit wel moet verkeerd gaan als hij de cola voor de plaats naast mij uitgiet. Daar had hij blijkbaar aan gedacht, want hij haalt vochtige doekjes uit een van zijn zakken, waarmee hij het hele boeltje netjes opruimt.
Hij vertelt me later dat hij een veteraan is van een oorlog in Albanie en nu op weg is naar zijn voorouderlijk huis in brasov. Met zijn stoppelige baard, uitgezakte ogen en buik die in omtrek zijn lengte overtreft (hij is dan ook anderhalve kop kleiner dan mij) vind ik dat moeilijk te geloven. Hij houdt zich verder de hele reis bezig met mijn lonely planet te lezen, maar waarschuwt me wel wanneer we gearriveerd zijn in Brasov. Vandaar nog een half uur te voet door een donkere stad met brede lanen en we zijn aangekomen op mijn uitvalbasis van de volgende de kismet dao.
Abonneren op:
Posts (Atom)